Bananencake
Ik maak deze cake altijd dubbel. Niet omdat ik zo veel honger heb maar omdat er bijna altijd een moment komt waarop ik iets nodig heb en de energie om te koken er niet is. Dan is het fijn als er iets in de vriezer ligt dat ik met een gerust hart kan pakken. Rijpe bananen, boekweitmeel, donkere chocolade, walnoten, een vleugje kaneel en cacao. Geen geraffineerde suiker. Geen ingewikkelde stappen.
De geur terwijl hij bakt is al een geschenk. Snij hem in stukken zodra hij afgekoeld is. Leg de meeste stukken in de vriezer. Houd één stuk apart. Eet hem terwijl hij nog een beetje warm is.
ingrediënten voor 1 cake
- 180 gram boekweitmeel
- 40 gram chufameel (of amandelmeel o.id.)
- 2 tl kaneelpoeder
- 1 el cacaopoeder
- 1 handjevol rozijnen (of stukjes dadels)
- 2 handjesvol walnoten (in stukken gehakt)
- 60 gram pure chocolade in grove stukken
- 3 rijpe bananen, geprakt
- 120 ml water
- 1 tl bakpoeder
- 1 tl appelciderazijn
- 2 el olijfolie
- 1 ei
bereiding
- Plaats de meel, kaneel, cacao en rozijnen in een mengkom
- Hak vervolgens de walnoten en de chocolade grof en doe erbij
- Voeg het bakpoeder toe en druppel een tl appelciderazijn op het bakpoeder. Je ziet het schuimen.
- Prak de bananen fijn met de vork in een kom, voeg de olijfolie toe en het ei en roer tot een pap.
- Voeg dit mengsel toe aan de droogmix en gebruik het water om het tot een romig beslag te brengen.
- Plaats dan in een bakvorm en bak in de oven gaar in 45 minuten op 160 graden.
Ps: ik maak er vaak twee tegelijk. Maak dan stukjes en vries die stukjes in. Bespaart tijd en er ligt altijd iets in de vriezer om naar te grijpen als je lichaam er om vraagt.
‘Goed voor jezelf zorgen betekent ook: vooruitdenken. Zodat er altijd iets is als je het nodig hebt.’
op het ritme van het seizoen
Koken op het ritme van het seizoen
De nazomer vraagt iets anders van je dan de zomer. Dat geldt voor wat je eet, en het geldt ook voor hoe je je week indeelt.
Dit is het seizoen dat de meeste vrouwen overslaan.